Tagarchief: floating

Vancouver Island october 2005, Canada.

Zoveel "H-S" momenten heb ik nog niet meegemaakt maar 1tje staat me nog helder bij.

Patiënt belde zojuist af dus ik heb even de tijd om dit gebeuren op papier te zetten

We schrijven oktober 2005 een mooie dag aan de Nitinat river op Vancouver Island, Canada.

We waren met vijf gelijkgestemden op een visvakantie. Overigens een onvergetelijke, geweldige tijd gehad.

’s Morgens vertrokken we in onze dikke 4X4 op weg naar de rivier die ons die dag zalm zou gaan opleveren.

Eenmaal aangekomen en de hele zut uitgepakt, hengels opgetuigd bleek ik mijn waadpak vergeten te hebben, lulhannes, nou ja dan maar zonder. Ik had mijn wandelschoenen aan dus ik kon zeker tot enkeldiepte waden.

Over een smal berenpad (want er zijn daar in de bush weinig wandelpaden) moesten we tot aan de rivier kunnen komen, althans volgens de stafkaart die we geraadpleegd hadden.

Binnen tien minuten stonden we aan de oever van de Nitinat. Dat viel dus dik mee.

"Pfoeh der staan hier wel veel beren" vertelde een van mijn maten totaal overbodig want ook wij zagen dat er een stuk of zes ‘collegavissers’ probeerden een zalm te vangen. Overigens doen zij dat veel sneller, beter en effectiever dan dat wij plachten te doen.

Als we een beetje bij elkaar bleven en ons wat rumoerig en bombastisch zouden gedragen schoven de beren vanzelf wel wat op, zo wisten we uit ervaring. Wat we ook uit ervaring wisten was dat waar beren aan de waterkant stonden er op dat moment op die plaats in de rivier altijd zalm zat.

Zo gezegd zo gedaan en na zo’n tien minuten begonnen we te vangen. De ene Chinook na de andere Chum. We stonden ondertussen zo’n <metricconverter productid="30 meter" w:st="on">30 meter</metricconverter> uit elkaar te vissen.

Paul als eerste in de rij daarna Hans, ik zei de gek, Bas en Erik sloot de rij af.

Plots riep Paul: “Mannen opgelet daar komt een beer aan” en ja hoor een behoorlijke beer kwam langs de oever onze richting op gelopen. Paul en Hans namen het zekere voor het onzekere en liepen zo’n meter of dertig het water in zodat de afstand tussen de naderende beer en henzelf toch nog overzichtelijk en dus betrekkelijk veilig bleef. De beer kwam steeds dichterbij langs het struikgewas wat zo’n meter of vijf van de waterkant af lag.

In deze situatie miste ik mijn waadpak pas echt, ik kon niet verder de rivier in als dat de schachthoogte van mijn schoenen toeliet. Ja…. Ik kon nog een metertje winnen door op wat stenen te balanceren maar ondertussen had ik al natte voeten en de beer bleef maar naderen.

Sodeju……………….. BEET. Ik stond met mijn schoenen vol water op wankele stenen en een beer op zo´n twintig meter een zalm uit te drillen.

Nou ja uit drillen………. Het risico van materiaalbreuk incalculerend hees ik dit beest richting topoog. Nog nooit heb ik zo snel een zalm ´getaild´ onthaakt en terug gezet. REANIMEREN ?????  ZOEK HET FF LEKKER ZELLUF UIT.

Met een zwiep die me bij de Olympische Spelen in Peking zeker een medaille had opgeleverd belandde de zalm, ver weg van mijn plaats van onheil, in het water. Ik had er immers geen zin in om met een beer het eigendomsrecht van een zalm te betwisten.

Ik begon het overigens behoorlijk warm te krijgen want de beer naderde gestaag langs mijn oever hij bleef maar lucht snuffelen. Beren schijnen heel slecht te zien maar des te beter te ruiken.

Bas begon ook steeds verder de rivier in te lopen, de schijtluis. Maar als een echte paparazzi wist hij wel dat de volgende momenten eeuwigheidswaarde zouden kunnen hebben.

“Hee Bert hou jij even mijn blikje Red Bull vast dan maak ik een foto van jou met de beer dicht bij je” Hij gaf het blikje aan mij en wist niet hoe snel hij weer verder de rivier in moest komen weg bij die stumper op de keien en de beer.

Het is maar goed dat Bas een digitale camera had met een flinke geheugenkaart want in het analoge tijdperk had hij, met deze inspanning zo een paar rolletjes vol geschoten.

De beer bleef maar dichterbij komen en snuffelde steeds meer met zijn neus in mijn richting.

Toen rook ik het ook………………………. Die Red Bull verspreidt een weeïge zoete lucht.

Die beer had dat natuurlijk ook geroken.

NONDEJU WEG DAT SPUL……….. MILIEU ?????? AMME REET .

Met een zwiep, waarvan de afstand me zeker goud zou opleveren in Peking verdween het blikje ver van me weg in de rivier.

De beer was me tot op zo´n meter of acht genaderd, mijn maten zeggen dat het een meter of vijftien was. Maar op de afstand waarop zij stonden kon je dat nooit juist inschatten.

Canadezen vertelden later dat je pas dicht bij een beer staat als je hem kunt ruiken.

Nu ik kan je vertellen dat deze beer zijn tanden die ochtend niet gepoetst heeft en dat een deodorant geen overbodige luxe is voor hem.

Na een tijdje (Ik schat een paar uur, mijn maten zeggen een paar minuten) sukkelde de beer verder langs de rand van het struikgewas en de oever, weg van mij.

PFFFFFFFFFFFFFFFF. Die was weg.

Toen pas kwamen mijn maten, de helden, mij de steun betuigen die ik de momenten daarvoor zo ontbeerde. “Yooh Bert je bleef wel kalm zeg !!!!!!!!”

Ik vertel dit verhaal nu met veel bombarie en grootspraak maar neem maar van mij aan dat er tijdens dit “H-S” moment liters zweet door mijn bilnaad gutsten.

Gr

Bert Martens

Lake Oostvoorne may 2008, the Netherlands.

OV 2008, ZW –wind 3-4, afnemend, klein buitje , half bewolkt.

Dat was de voorspelling en bleek ook in Oostvoorne het geval. Vandaag op 1 mei , de dag van de arbeid, hoopten wij flink aan de bak te kunnen.

Onderweg naar het westen nog een paar fikse buien op de spiksplinter nieuwe Honda civic van Mart neergedaald, maar met de volautomatische regensensor en hoeveelheidsmeter, bleek dat geen probleem. “Ik rijd wel” had Mart nog gezegd. Nu snapte ik waarom. De auto moest nog worden ingereden. Ook een mooi excuus trouwens om deze dag Oostvoorne te kiezen.  “even een wat langere afstand proberen..!”, zal ie thuis wel gezegd hebben. Het wagentje (sportmodel) snorde ons veilig naar de plas in het westen, waar volgens de internetpagina de bibio door onze favoriete vissoort gretig wordt genomen.

Onderweg kregen we het allebei steeds benauwder. Ik dacht dat het aan mijn Goorts-vest lag en Mart aan zijn fleece trui. De airco bleek de het interne lucht te draaien. Met 3 motoren wil het dan wel warmer en benauwder worden. Gelukkig ontdekte Mart door de trial en error methode net op tijd de goede instelling, zodat we met verse lucht in de longen onze visdag konden beginnen.

Mooi kabbeltje, klein buitje, vanwege de windrichting (ZW) werd de dorpskant gekozen (overigens een kant waar ik ook nog nooit was geweest).

Om 14.30 uur aan het water. Het water staat nog steeds laag. Weinig begroeiing op de bodem. Best wel een fris windje nog. Flinke kabbel op het water. De wind in de rug en het zonnetje af en toe door het wolkendek prikkend, een rustige omgeving, met nog 5 andere vissers. Dat vormde het decor van de dag.

Er zijn hier nieuwe grote blokken (maaskeien?) aangevoerd, die waarschijnlijk over de bestaande dammetjes gestort gaan worden (bij de stormvogel is dat al uitgevoerd). Lastig te belopen blokken, maar aan deze kant hadden wij er nog geen last van.

Martin heeft na een hal uurtje aan de binnenkant van de dammetjes een eerste voorzichtige aanbeet. Later volgt er bij de voorlaatste doorstroom nog een serieuze aanbeet, getuige zijn enthousiaste uithaal, maar de nog luidere teleurstelling kort daarop betekende dat de dame of heer er weer van tussen was.

Verder zien we geen vangende vissers, ziet Mart 2 dansenden beekridders vanaf zijn visstek en zie ik buiten een net buiten castafstand springende regenboog, helemaal geen activiteit.

We verkassen na een bakkie leut naar de andere kant (links van de speeltuin, voor de kenners). Maar ook aan deze kant waar je met afnemende wind wel bijna 70 meter gewoon het water in kunt waden, blijkt 2 uur later dat we vandaag waarschijnlijk geen topdag gaan meemaken, as het om vangen gaat. De eerste worp  van Mart aan deze kant gaat gepaard met een aanbeet op de beetverklikker, dat ons doet besluiten om de floating fry er maar eens aan te binden.

We zien met om 19.30 uur een bijna vlak Oostvoornemeer iedere beweging op het wateroppervlak, onze snijdende lijnen op het water terecht komen. Een paar kleinere visjes (haring?) lachen ons toe, maar de forel blijft weg.

Ook bij andere vissers blijft de hengel ontspannen.

“Nog even bij de stormvogel kijken?”, vraagt Mart. Zo gezegd , zo gedaan. We pakken nog net het laatste ½ uurtje van de schemer ter plaatse mee. En net als ik mijn hengel voor de laatste keer in de knoop cast, zie ik de hengel van Mart tegenover mij (van de eerste doorstroom) ineens krom staan. De eer van de VVG is gered! Een mooi klein fanatiek forelletje heeft zich vergist een het kleinste nimfje, dat Mart vandaag mee heeft genomen. Ik film de dril en daarmee komt deze dag ten einde. Onderweg komen we nog 5 MC’s tegen, maar we kiezen traditiegetrouw voor de eerste. De civic, snort ons huiswaarts. Thanks for the save drive and the company, Mart.

Hopelijk komt er voor mij ook ooit een dag dat ik op het Oostvoorne meer ook weer eens iets vangen mag…

Hfh

To picture

To video