Tagarchief: hengel

Voor de echte liefhebbers, Sage RPL 9′ #5 2-delig, een heerlijk hengeltje …..

Hans Frumau besloot op zijn vrije dag maar eens wat forellen te sleuren in een van de bekende forellenputten om later zijn rookton mee te kunnen ontmaagden.

Noorder windje, zon hoog aan de hemel, af en toe een wolkje kortom klote visweer maar wie HfH kent!

Om klokslag 13.00 uur de eerste worp met zijn geliefde Sage RPL 9′ #5 2-delig, een paar strippen later al de eerste aktie, K.. MIS.

Het volgende uur was er absoluut geen activiteit meer te ondekken in het wateroppervlakte des te meer in de lucht, een apache helikopter vloog tergend langzaam over het gebied op zoek naar……..

Als er geen aktie te zien is in de oppervlakte dan maar de diepte in …….TUNGSTEN.

Flinke haak eraan en casten met dat #5-je, POK, hmmm wat was dat? Doe nou voorzichtig man!

Een kwartiertje later haakte Hans een mooie 55+ forel, strategie werkte dus. Langzaam drillen want de vis verzette zich hevig toen opeens, KRAK, G..ver, zijn Sage was plotsklaps 3-delig. Aij, toch die tungstenkop?

De vis werd ondanks de tegenvaller netjes en professioneel gedrild en voorzien van een knal op zijn harses, de rookton moest tenslotte ontmaagd worden.

Wie HfH kent weet dat zijn kofferbak altijd “standaard” vol ligt met visgerei, dus ook zijn maitresse, een Elkhorn #3-4-tje.

Dan maar de tijd uitvissen met een #3-4-tje moet Hans gedacht want er is tenslotte betaald tot 17.00 uur.

De rest van de dag kwam er alleen nog maar een schilpad en een meter+ steur de vissers gedag zeggen maar de forellen lieten zich niet meer zien, het blijft tenslotte een put met vaste etenstijden.

Oh, ja Hans is 13 juni jarig dus als jullie een passend kado weten….

Voor wie Hans niet kent; hij is te boeken als gids, guide of guilly!

Inver Polly Estate september 2006, Schotland.

October 2006

Schotland, Sutherland, Inver Polly Estate, Polly lodge.

Mannen……………

Hierbij een tripreport van de vistrip welke Onno, Theo en ik (Bert) naar bovenvermelde bestemming hebben gemaakt.

De conclusie over deze week valt perfect samen te vatten in een stelling van Onno, die hij mij op de terugreis voorlegde. Deze vraag weerspiegeld, voor mijn gevoel, de beleving van deze week.
Hij vroeg n.l. aan mij:
“Kun je in eén week echte vrienden worden of is het mogelijk om in eén week het ‘Oslo-syndroom’ op te lopen”?
Tip – Google even op ’Oslo-syndroom’ of “Natascha Kampusch“.
Dit voor de niet (para) medici onder ons.

Als iemand nu een tripreport verwacht met termen als: ‘gillende reels’, ‘een gevecht op leven en dood’, ‘te kleine unsters’ en ‘te kleine meetlinten’ moet hij hier stoppen en niet verder lezen.

Welnu:

Met de boot vertrokken we zaterdagnamiddag vanuit IJmuiden naar New Castle waar we ’s zondagmorgen om 09,30u aankwamen. Nog even een uur of acht buffelen in de auto naar ‘the Highlands’ om daar in de namiddag te arriveren op de ‘Polly Lodge’

Links rijden is altijd weer even wennen, zeker op die rare rotondes waarop Engelsen patent lijken te hebben.
Zo’n bootreis is overigens al een belevenis op zich. Je vind je vermaak tussen variabel inzetbare Poolse meisjes die ’s avonds bediening aan het buffet verzorgen. In de bar kom je ze weer tegen als ‘waitress’. Later op de avond zijn dezelfde meisjes danseres in de nachtclub. Ik geloof dat ze ’s nachts slapen om uitgerust na de vroege poetsbeurt van het schip weer als bedienster aan het ontbijtbuffet te staan. Dit alles in een ambiance van voortdurend beschonken Engelsen en excentrieke Schotten in een kilt.

De Lodge is gelegen op het ‘Inverpolly Estate’ dit is een beschermd natuurgebied wat zijn naam ontleent aan de ‘Stach Pollaid’ een berg die centraal in het gebied ligt.
Het Estate heeft 2 systemen waar zalm optrekt: de ‘river Polly’ en de ‘river Garvie’ welke samen met de ‘river Oscaig’ een systeem vormt.
Vissen op zalm gebeurt er volgens het ‘fly only’ principe.

Verder heeft het Estate vele kleine en grot(er)e ‘Lochs’ waar gevist kan worden. Met name het vissen in ‘the hills’ is een speciale belevenis maar daarover later.
Er liggen twee motorbootjes op grotere ‘Lochs’ om via de kortere weg over het water naar verschillende andere plaatsen te gaan om verder te trekken.
Deze bootjes worden ook gebruikt voor het ‘Loch-style’ of trawlend vissen. Verder ligt er een bootje in een baai vlak bij de lodge om op zee te gaan vissen. Ook vanaf de kant of vanaf de rotsen kan er op zee gevist worden.
De vissen die gevangen kunnen worden zijn o.a: zalm, zeeforel, bruine forel, ferrox, pollak, makreel maar ook kabeljauw, leng en kleine haaitjes. Alhoewel deze laatste drie niet op de vlieg gevangen zijn.

Het ‘Inverpolly national nature reserve’ ligt in het Noord Westen van Schotland grofweg tussen Ullapool en Lochinver. Het laat zich het gemakkelijkst beschrijven als een heuvel- bergachtig hoogveengebied. Je loopt er nagenoeg altijd door zompige veen/heide gebieden.
Het water, dat wij overigens gewoon drinken, staat altijd een paar centimeter hoog. De veengebieden worden doorkruist door kleine stroompjes van zo’n dertig cm breed maar doordat de ondergrond zo zacht is hebben zij zich zo’n meter of meer in de ondergrond ingevreten. Je ziet ze niet doordat de heide erover groeit maar horen doe je ze wel. Het is dan zaak om goed op te letten en er niet met een voet of been in te zakken.
Een blessure heb je zo opgelopen en als als je boven in ‘The hills’ bent is het gauw een dag of wat lopen voordat je weer “in de beschaving” bent. Het is overigens regel dat je nooit alleen op pad gaat en dat je vertelt waar je naar toe gaat en hoe laat je ongeveer terug bent.
Zorg er ook voor dat je niets verliest onderweg want terugvinden van verloren zaken is een hopeloze zaak. Je zult niet de eerste zijn die een railtje, vliegendoos, fototoestel of zelfs een complete hengel moet achterlaten in ‘the Hills’. En het staat zo slordig als je, aangekomen op de plek van bestemming alles van je maat moet lenen.

Als het niet waait is het er oorverdovend stil, je er hoort werkelijk niets. Eigenlijk best wel wat beangstigend want je mist toch een zintuig waarmee je normaliter informatie over de omgeving vergaart.

Maar wat is er nu mooier dan na een tijd banjeren, stoempen, klimmen en klauteren bij een Loch aan te komen even wat eten en drinken en dan in een adembenemende omgeving een stel forelletjes van zo’n vijfentwintig cm te vangen. ’s Avonds stomp je bij een kampvuurtje je forelletje onder het genot van een meegenomen wijntje naar binnen. En voordat je in je tentje in slaap valt hoor je de hertenbokken op 100m afstand naar elkaar ‘burrelen’. ’s Nachts schrik je wezenloos wakker omdat er een hert nieuwsgierig eens wat dichter bij je tentje komt kijken om te zien wat dat nu weer voor een raar ding is wat er staat.
’s Ochtends nog een aantal vissen vangen om dan in de loop van de middag weer het stuk naar beneden te lopen naar de plek waar je afgesproken hebt dat iemand je weer ophaalt.

David, eigenaar van het estate en boer, heeft het, als echte ‘Highlander’ wat minder op met verschillende leden van de aanwezige fauna. Elke vos die het op zijn levende have heeft gemunt en elke zeehond in de baai die best wel eens een lekker zalmpje lust voorziet hij, middels een jachtgeweer, van een “derde oog” precies tussen de twee al aanwezige ogen. En dat al vanaf een afstand van zo’n driehonderd meter.
Deze week krijgt hij hulp van de "vrienden van Hubertus" want op zijn estate loopt het zalmseizoen tot 1 oktober daarna komen jagers om voor zo’n 10.000,= euro een gigantische hertebok af te mogen schieten.
Lijkt me geen kunst want je ziet er tegen de schemering tientallen lopen.

Maar we hebben ook gewoon op het systeem gevist. De ‘river Polly’ op nog geen 100m van de lodge de andere rivieren op rijafstand. Dan is het heerlijk om na de ochtendsessie terug op de lodge te komen, even genieten van de lunch, en weer te kunnen vertrekken voor de middagsessie.
Na de berichten van vorig jaar, toen er maar liefst achttien zalmen,in een week tijd, gevangen waren op de twee systemen waren de verwachtingen voor dit jaar hooggespannen. Overigens waren deze zalmen niet de enige vangst want ook grote zeeforel van 1,5 tot 4,5 pond (is weer helemaal terug de laatste jaren op het systeem) vele wilde bruine forel, veel makreel en heel veel pollak waren er gevangen.

Echter: dit jaar was het weer te goed, niet het weer dat je rond deze tijd in de hooglanden kunt verwachten. Geen vier seizoenen op een dagdeel, geen regen waardoor de rivieren stijgen en zalm niet meer te houden is om het systeem op te trekken en te gaan paaien.
We mazzelden dit jaar met nagenoeg de hele week een zonnetje bij zo’n 20 a 25 graden.
Nee dit jaar zijn er ‘slechts’ twee zalmen van zo’n tien pond en een aantal zeeforellen van tussen de twee en vier pond gevangen. Slechts een dag heeft het behoorlijk geregend en gewaaid en precies op die dag…………….ach je raadt het al.

Het vissen op zee op pollak en makreel is ook een belevenis op zich. Met een bootje je laten driften tot boven de kelpvelden en dan een aanbeet van een pollak van zo’n pond of acht krijgen. …………KLABAM…………. Je acht of negen hengel gaat letterlijk krom tot in het handvat maar uitdrillen is er niet bij. Je moet koste wat kost de vis uit de kelp houden want anders kun je het wel vergeten. Die krijg je er dus van zijn lang zal zijn leven niet meer uit. Alhoewel even spanning van de lijn en soms zwemt hij zich dan wel weer los. Maar dan begint het spektakel van voor af aan.
Makreel is ook heel leuk om te vangen maar toch minder enerverend als een dikke pollak.
Met het bootje kun je ook over de kelpbedden en van eiland naar eiland varen om dan ‘trawlend’ je visje proberen te vangen. Deze manier van vissen is minder spectaculair maar zeker zo effectief. Reken dan maar op een hele hoop consternatie als je met drie man tegelijk, na over een school pollak gevaren te zijn, met een kromme hengel zit in een wankel en onstabiel bootje.
Deze visserij kan overigens alleen maar bij weinig wind dit i.v.m. de golfslag en het veranderlijke weer in dit gebied. Veiligheid voor alles, dus ook altijd zwemvesten mee.
Overigens bij rustig weer is het ook goed mogelijk om vanuit een belly boot de kelpbedden en onderzeese troggen uit te vissen geeft ook aardige sport en dit is een behoorlijk understatement.

Bij wat onstuimiger weer is het ook een genot om vanaf de rotsen de pollak en makreel te belagen. Door de ruigere golven die tegen de rotsen klappen komen altijd en aantal kleinere vissen in de problemen en dit is juist het aas waar makreel en pollak op uit is. De vissen zijn niet zo groot als verder op zee maar een pollak van zo’n 30 centimeter geeft meer dan genoeg tegenstand aan je vlieghengel.

De terugreis op de boot was ook weer een genot. Naast de bekende wederwaardigheden zoals we die op de heenreis beleefden, kregen we midden in de nacht te maken met windkracht 8. Ik kan je wel vertellen dat zelfs een boot ter grote van een middelgroot flatgebouw daar niet onberoerd onder blijft. Ook de passagiers moesten meedelen in de grillen van Neptunis.
’s Nachts heb ik me een paar keer ternauwernood vast kunnen houden zodat ik niet uit bed viel. Toen ik de volgende morgen naar het ontbijtbuffet liep kwam ik een paar mensen tegen die voor de tweede keer “genoten” van de drank en het diner dat zij de avond ervoor genuttigd hadden. “Zij aten achteruit” zoals men dat placht te zeggen. Ik ben daar ruggelings en door mijn mond ademend langs gelopen om geen deelgenoot van hun lotgevallen te worden.
Maar toen ik eenmaal aan mijn ontbijt zat zei mijn maag zacht tegen mij: “Pssst neem maar een half broodje. Da’s meer dan genoeg. En doe in plaats van koffie maar een klein glaasje zjuderansj. Hou het daar maar bij want anders kan ik heeeeel lastig gaan doen” . Natuurlijk volgde ik dit verzoek op. Je kon merken dat ik weer bijna thuis was, hier volg ik namelijk ook elk verzoek/bevel op. Ik zal blij zijn als het weer eind september wordt. Weer doen waar je zelf zin in hebt. (Oeps……. niet doorvertellen hoor)

Kortom: Onthaasting en genieten in het kwadraat. Als ik zonder hengel door dit gebied moeten lopen zou het zeker geen straf voor me zijn. Gigantische, continue veranderende vergezichten en weersomstandigheden in een onherbergzaam landschap op de rand van zee, land en bergen.
Heerlijke ongecompliceerde mensen met een net iets te grote neus, een net iets te scheef gezicht of een oorinplant die net niet gelijk is. Ik geloof dat door de kleine gemeenschappen in het gebied er wellicht bij de natives sprake is van een “apert genetisch defect”. Maar ja ik ben geen klinisch geneticus ik ben maar een gewone Brabantse vliegvisser op vakantie in ‘The Higlands”
Janneke, mijn vrouw, hoeft zich dan ook geen zorgen te maken over mijn uitspattingen, want je moet wel extreem hongerig zijn om hier “uit te gaan eten” bij de dames. Maar voor mannen met grote trek zijn lieslaarzen misschien wel handig. Want er lopen honderden schapen.

Grt,

Bert

Vancouver Island october 2005, Canada.

Zoveel "H-S" momenten heb ik nog niet meegemaakt maar 1tje staat me nog helder bij.

Patiënt belde zojuist af dus ik heb even de tijd om dit gebeuren op papier te zetten

We schrijven oktober 2005 een mooie dag aan de Nitinat river op Vancouver Island, Canada.

We waren met vijf gelijkgestemden op een visvakantie. Overigens een onvergetelijke, geweldige tijd gehad.

’s Morgens vertrokken we in onze dikke 4X4 op weg naar de rivier die ons die dag zalm zou gaan opleveren.

Eenmaal aangekomen en de hele zut uitgepakt, hengels opgetuigd bleek ik mijn waadpak vergeten te hebben, lulhannes, nou ja dan maar zonder. Ik had mijn wandelschoenen aan dus ik kon zeker tot enkeldiepte waden.

Over een smal berenpad (want er zijn daar in de bush weinig wandelpaden) moesten we tot aan de rivier kunnen komen, althans volgens de stafkaart die we geraadpleegd hadden.

Binnen tien minuten stonden we aan de oever van de Nitinat. Dat viel dus dik mee.

"Pfoeh der staan hier wel veel beren" vertelde een van mijn maten totaal overbodig want ook wij zagen dat er een stuk of zes ‘collegavissers’ probeerden een zalm te vangen. Overigens doen zij dat veel sneller, beter en effectiever dan dat wij plachten te doen.

Als we een beetje bij elkaar bleven en ons wat rumoerig en bombastisch zouden gedragen schoven de beren vanzelf wel wat op, zo wisten we uit ervaring. Wat we ook uit ervaring wisten was dat waar beren aan de waterkant stonden er op dat moment op die plaats in de rivier altijd zalm zat.

Zo gezegd zo gedaan en na zo’n tien minuten begonnen we te vangen. De ene Chinook na de andere Chum. We stonden ondertussen zo’n <metricconverter productid="30 meter" w:st="on">30 meter</metricconverter> uit elkaar te vissen.

Paul als eerste in de rij daarna Hans, ik zei de gek, Bas en Erik sloot de rij af.

Plots riep Paul: “Mannen opgelet daar komt een beer aan” en ja hoor een behoorlijke beer kwam langs de oever onze richting op gelopen. Paul en Hans namen het zekere voor het onzekere en liepen zo’n meter of dertig het water in zodat de afstand tussen de naderende beer en henzelf toch nog overzichtelijk en dus betrekkelijk veilig bleef. De beer kwam steeds dichterbij langs het struikgewas wat zo’n meter of vijf van de waterkant af lag.

In deze situatie miste ik mijn waadpak pas echt, ik kon niet verder de rivier in als dat de schachthoogte van mijn schoenen toeliet. Ja…. Ik kon nog een metertje winnen door op wat stenen te balanceren maar ondertussen had ik al natte voeten en de beer bleef maar naderen.

Sodeju……………….. BEET. Ik stond met mijn schoenen vol water op wankele stenen en een beer op zo´n twintig meter een zalm uit te drillen.

Nou ja uit drillen………. Het risico van materiaalbreuk incalculerend hees ik dit beest richting topoog. Nog nooit heb ik zo snel een zalm ´getaild´ onthaakt en terug gezet. REANIMEREN ?????  ZOEK HET FF LEKKER ZELLUF UIT.

Met een zwiep die me bij de Olympische Spelen in Peking zeker een medaille had opgeleverd belandde de zalm, ver weg van mijn plaats van onheil, in het water. Ik had er immers geen zin in om met een beer het eigendomsrecht van een zalm te betwisten.

Ik begon het overigens behoorlijk warm te krijgen want de beer naderde gestaag langs mijn oever hij bleef maar lucht snuffelen. Beren schijnen heel slecht te zien maar des te beter te ruiken.

Bas begon ook steeds verder de rivier in te lopen, de schijtluis. Maar als een echte paparazzi wist hij wel dat de volgende momenten eeuwigheidswaarde zouden kunnen hebben.

“Hee Bert hou jij even mijn blikje Red Bull vast dan maak ik een foto van jou met de beer dicht bij je” Hij gaf het blikje aan mij en wist niet hoe snel hij weer verder de rivier in moest komen weg bij die stumper op de keien en de beer.

Het is maar goed dat Bas een digitale camera had met een flinke geheugenkaart want in het analoge tijdperk had hij, met deze inspanning zo een paar rolletjes vol geschoten.

De beer bleef maar dichterbij komen en snuffelde steeds meer met zijn neus in mijn richting.

Toen rook ik het ook………………………. Die Red Bull verspreidt een weeïge zoete lucht.

Die beer had dat natuurlijk ook geroken.

NONDEJU WEG DAT SPUL……….. MILIEU ?????? AMME REET .

Met een zwiep, waarvan de afstand me zeker goud zou opleveren in Peking verdween het blikje ver van me weg in de rivier.

De beer was me tot op zo´n meter of acht genaderd, mijn maten zeggen dat het een meter of vijftien was. Maar op de afstand waarop zij stonden kon je dat nooit juist inschatten.

Canadezen vertelden later dat je pas dicht bij een beer staat als je hem kunt ruiken.

Nu ik kan je vertellen dat deze beer zijn tanden die ochtend niet gepoetst heeft en dat een deodorant geen overbodige luxe is voor hem.

Na een tijdje (Ik schat een paar uur, mijn maten zeggen een paar minuten) sukkelde de beer verder langs de rand van het struikgewas en de oever, weg van mij.

PFFFFFFFFFFFFFFFF. Die was weg.

Toen pas kwamen mijn maten, de helden, mij de steun betuigen die ik de momenten daarvoor zo ontbeerde. “Yooh Bert je bleef wel kalm zeg !!!!!!!!”

Ik vertel dit verhaal nu met veel bombarie en grootspraak maar neem maar van mij aan dat er tijdens dit “H-S” moment liters zweet door mijn bilnaad gutsten.

Gr

Bert Martens